Vriendje kijkt me in de weken voor vertrek regelmatig met gefronste wenkbrauwen aan. “Ik snap niet wat je aan al die kennis hebt”, is zijn commentaar als ik me voor de zoveelste keer op mijn boekje over de Balinese cultuur stort. Vriendje en ik hebben een hele andere insteek als het om (reis)voorbereiding gaat. Hij zoekt alle praktische zaken uit en ik verdiep me voornamelijk in de rituelen en gebruiken van het land dat we gaan bezoeken.  Deze reis was ik volledig voorbereid op wat komen ging. Vond ik zelf…

Vele culturele eigenschappen passeerden de revue in mijn Bali-boekje. Zo ook het fenomeen ‘offeren’. Het las lekker weg en klonk allemaal logisch in de oren. Maar pas op de plaats van bestemming drong het tot me door hoe groot de invloed van het offeren is op het leven van de hindoeïstische Balinees.

Snakkend naar koffie en een lekker ontbijt nemen we de eerste ochtend plaats aan een tafeltje. Laat die menukaart maar komen! Ik kijk om me heen, vastbesloten zo snel mogelijk iemands aandacht te trekken terwijl ik mijn knorrende maag zo goed mogelijk negeer. Niemand… Ik kijk wat rond. Ik zie een aantal vrouwen met dienbladen rondscharrelen over het terrein en vraag me af waar ze in godsnaam mee bezig zijn.  Als uiteindelijk de bestelling wordt opgenomen zijn we al eventjes verder. Niets aan de hand, we hebben vakantie!

Tien minuten later wordt mijn aandacht getrokken door de kok die onze ontbijtjes op de bar schuift. Mijn goede humeur, dat met een lege maag over het algemeen vaak ver te zoeken is, begint zich weer te tonen. Ik kijk om me heen en zie de serveersters wederom rondlopen met dienbladen gevuld met wierook, koekjes, sigaretten en bloemen. Ze zijn aan het offeren. En dat gaat voor. Pas heel wat later komt één van de vriendelijk lachende dames beleefd ons ontbijt uitserveren.

Op dit moment wordt het me duidelijk hoe belangrijk het offeren is. Of er nu een klant zit te wachten of niet, het ritueel wordt eerst afgemaakt. Terwijl we in het haastige Nederland door een trage bediening wellicht geïrriteerd raken, voel ik dat ditmaal helemaal niet. Sterker nog, het is rustgevend om het hele ritueel te bekijken. Het geduld waarmee de vrouwen de offers uitzetten is fascinerend.

Als we tijdens de reis diverse mensen naar dit ritueel vragen ontdekken we dat de gemiddelde Balinees zelfs een derde van het salaris aan het offeren besteed. Het verbaast ons enigszins. De mensen op Bali zijn over het algemeen vrij arm en je zou dan ook denken dat ze het geld heel goed zelf kunnen gebruiken. Maar dat maakt het nu juist zo mooi! Het is zo’n belangrijk geheel dat men er heel veel voor over heeft. Ik vind het prachtig om te zien dat mensen, zelfs de armsten, hun laatste centjes erin steken. Vol overgave gaan ze voor hetgeen waar ze in geloven. Wellicht een wijze les voor ons. Soms moet je wat over hebben voor iets waar je echt in gelooft.

Blog geschreven voor en gepubliceerd op www.Indonesie.nl