Het is chaos in de haven van Split. Wachtende auto’s vol toeristen, toeterende taxi’s en zoekende mensen. De zweetdruppels van onze voorhoofden vegend voegen we ons in de lange rij met auto’s. We zijn op weg naar het eiland Hvar, waar we zowel wat rust als een feestje hopen te vinden.

Ondanks het grote aantal medereizigers vinden we een prima plekje boven op de boot met net genoeg schaduw, een beetje zon en vooral… een heerlijk briesje. Een goed boek en een biertje erbij en de twee uur vliegen voorbij.

Terwijl de boot in de haven van Stari Grad leegstroomt, stromen de recepties van de omliggende campings vol. Wij hebben gekozen voor de wat massale camping Vira Hvar. Iets heel anders dan de prachtige minicamping aan zee waar we vandaan komen en normaal ook niet het soort dat we snel zouden uitzoeken. Maar de ligging is gunstig voor datgene waar we naar op zoek zijn: de zee op loopafstand en de mogelijkheid om nog een avondje door te zakken in Hvar-stad.

Als we de overvolle receptie op Camping Vira Hvar binnen stappen maken we ons niet druk. De opmerking van de receptioniste tegen de man voor ons dat ze ‘fully booked’ zijn, tovert bij mij een triomfantelijk lachje op mijn gezicht. Wij zijn namelijk zo slim geweest om voor drie nachten te reserveren!

Vol vertrouwen stappen we dan ook op de receptioniste af als het onze beurt is. Ze deelt ons hetzelfde mede: “we are full“. Onbezorgd geven wij aan dat we gereserveerd hebben. Het meisje kijkt moeilijk, zoekt nog wat na en komt vervolgens nogmaals met haar eerste antwoord: “Yes, but we are full“. Zonder enig schuldgevoel kijkt ze ons aan met een blik die lijkt te zeggen: Wat wil je dat ik zeg? Vriendje en ik kijken haar op exact dezelfde manier terug aan. Erg tevreden met haar eigen ‘probleemoplossend vermogen’ meldt ze ons dat we het natuurlijk bij een camping verderop kunnen proberen. Of dat we onze tent kunnen opzetten pal voor de receptie. Uh, ja…

Nog steeds verbaasd over de uitblijvende excuses besluiten we de verderop gelegen camping dan maar op te zoeken. Op de wifi van Vira Hvar zoeken we de betreffende camping, Mala Milna, op via onze telefoon. De reacties zijn alles behalve lovend, maar ach, je moet wat!

Aangekomen in het kleine plaatsje Milna treffen we de camping. Vooraan een klein houten hutje en een wat ongeïnteresseerde, bellende jongeman. De jongen in kwestie geeft geen enkel teken dat hij mij ook maar gezien heeft en dus zit er niets anders op dan te wachten tot hij klaar is met zijn gesprek. Als hij na tien minuten eindelijk ophangt en ik hem vraag of er plek is, is hij vrij kortaf: “ja, zoek maar wat uit“. Dat doen we dan ook maar. Het ziet er allemaal wat houtje-touwtje uit, maar we vinden al snel een prima plekje.

Als we gesetteld zijn op ons scheve perceeltje met veel te veel stenen en een biertje openen, zijn we blij met deze wending. Het is dan wel een behoorlijk eenvoudige camping met voorzieningen die wellicht tien jaar geleden al een opknapbeurtje hadden kunnen gebruiken, maar het bevalt. Kleinschalig en direct aan zee. En zeg nou zelf, kamperen doe je niet voor de luxe. Dat doe je om te genieten van de kleine dingen.

Als ik de eerste ochtend om half 8 de tent uit word geroosterd, schiet ik in mijn bikini en haal bij het bakkertje om de hoek een heerlijk vers stokbrood. Als ik bij terugkomst bij de tent zie dat vriendje nog steeds in een diepe coma ligt, grijp ik mijn handdoek en begeef me richting strand. Wat nou ‘enorme topcamping met de beste pizza in town’! Een frisse ochtendduik in zee, pal voor je eigen tentje met de geur van vers brood nog in je neus. Dat is pas vakantie!